Informatie over medicijnen

Klik in het alfabet op de eerste letter van de naam van het medicijn dat u wilt opzoeken. Of gebruik de zoekfunctie rechts bovenaan deze pagina.

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

Prozac

Wat doet dit medicijn en waarbij wordt het gebruikt?

Prozac De werkzame stof in Prozac is fluoxetine.

Fluoxetine behoort tot de serotonineheropnameremmers, ofwel SSRI's. Het regelt in de hersenen de hoeveelheid serotonine. Deze lichaamseigen stof speelt een rol bij emoties en stemmingen. SSRI's verbeteren de stemming en verminderen angsten.

Artsen schrijven het voor bij depressie en bij angststoornissen, zoals dwangstoornis, paniekstoornis, sociale fobie en posttraumatische stressstoornis. Het wordt ook gebruikt bij boulimia nervosa, bij bepaalde menstruatieklachten (namelijk het premenstrueel syndroom), bij zenuwpijn en bij de ziekte van Raynaud.

Depressie

Verschijnselen Bij depressiviteit is er sprake van een sombere stemming, geen interesse en plezier meer in de dingen van het leven. Iemand die depressief is, voelt zich vaak waardeloos en heeft schuldgevoelens. Ook kunnen depressieve mensen snel geïrriteerd zijn en moeite hebben met inslapen of doorslapen.

Behandeling Depressieve klachten kunnen behandeld worden met psychotherapie (gesprekken), met medicijnen, of met een combinatie van beide. Uw arts zal samen met u bepalen welke behandeling voor u het beste is. Het hangt vervolgens van uw persoonlijke situatie af en van het soort depressie, met welk medicijn de arts zal starten

Effect Fluoxetine vermindert de depressieve klachten bij ongeveer de helft van de mensen. U voelt zich energieker en uw stemming verbetert. Het is belangrijk het medicijn dan nog ongeveer een halfjaar te blijven gebruiken. U voorkomt hiermee dat de depressie terugkomt.

Werking Het kan vier tot zes weken duren voordat u het effect van fluoxetine merkt. De eerste weken kunt u wel last krijgen van de bijwerkingen en angstgevoelens. Stop dan niet met het gebruik, meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het medicijn. Vaak verdwijnen ze zelfs.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: depressie. Angstgevoelens en gespannenheid

Verschijnselen Iedereen is wel eens angstig. Angst is een normale reactie bij dreigend gevaar. Het leidt tot voorzichtigheid of tot vluchten, en is dus een nuttige vorm van zelfbescherming.

Soms is iemand angstig terwijl daar weinig aanleiding voor is, bijvoorbeeld als u niet naar buiten durft, of geen boodschappen durft te doen in een drukke winkel. We spreken dan van een angststoornis.

Angst geeft vaak klachten als hoofdpijn, buikpijn, slaapproblemen en prikkelbaarheid. Hevige angst kan leiden tot hartkloppingen, benauwdheid, zweten, pijn op de borst, trillen, het gevoel flauw te vallen of tintelingen in de armen en benen.

Behandeling Angstgevoelens en gespannenheid worden meestal behandeld met psychotherapie (gesprekken) of met medicijnen, zoals fluoxetine of met een combinatie van beide. Uw arts zal samen met u afwegen welke aanpak het beste is in uw situatie.

Effect Fluoxetine vermindert vooral de angstgevoelens zoals piekeren, slaapproblemen, prikkelbaarheid en trillen.

Fluoxetine werkt bij ongeveer zes op de tien mensen. Het is belangrijk om het medicijn minstens een jaar te blijven gebruiken. U voorkomt hiermee dat de klachten terugkomen.

Werking Het kan één tot drie maanden duren voordat u het effect van fluoxetine merkt. De eerste twee weken van de behandeling kunnen de angstklachten zelfs toenemen. Ook kunt u de eerste tijd last krijgen van de bijwerkingen. Stop dan niet met het gebruik, meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het medicijn. Vaak verdwijnen ze zelfs.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: angstgevoelens en gespannenheid. Dwangstoornis

Verschijnselen Een dwangstoornis, zoals smetvrees, is een angststoornis waarbij mensen de drang voelen om voortdurend bepaalde handelingen uit te voeren, zoals overdreven vaak schoonmaken en wassen. Een medische term voor een dwangstoornis is een 'obsessief-compulsieve stoornis'.

Behandeling Gesprekken met een psychiater of psycholoog (gedragstherapie) vormen de basis van de behandeling. Deze behandeling werkt bij drie op de vier mensen. Wanneer u ook last heeft van depressieve klachten of angstgevoelens kan uw arts u adviseren ook fluoxetine te gebruiken.

Effect Het kan één tot drie maanden duren voordat u het effect van fluoxetine merkt. U kunt wel vanaf het begin last krijgen van bijwerkingen. Stop dan niet met het gebruik, want meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het medicijn. Vaak verdwijnen ze zelfs.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: dwangstoornis. Paniekstoornis

Verschijnselen Bij een paniekstoornis hebben mensen ongewoon sterke aanvallen van paniek. U krijgt dan allerlei lichamelijke verschijnselen, zoals zweten, trillen, duizeligheid, misselijkheid, slappe benen en hartkloppingen. U kunt tijdens een aanval het gevoel hebben dat u doodgaat of gek wordt.

Hiervan heeft iedereen wel eens in geringe mate last, maar bij een paniekstoornis heeft u ongewoon sterke aanvallen van paniek. De aanvallen beheersen dan uw leven. Ook kunt u een voortdurende angst hebben om opnieuw een paniekaanval te krijgen. Sommige mensen proberen ook de situatie waarin een paniekaanval ontstaat te vermijden. Soms lukt het niet meer te gaan werken of naar buiten te gaan (straatvrees) uit angst voor een nieuwe aanval.

Behandeling Iedereen heeft wel eens een lichte mate van paniek ervaren, maar als de klachten extreem vaak voorkomen en zeer heftig zijn, dan kunnen ze uw welzijn en dat van de mensen in uw omgeving sterk verminderen.

De behandeling van een paniekstoornis bestaat uit gesprekken met een arts of psycholoog (gesprekstherapie). Vaak wordt deze gesprekstherapie gecombineerd met een antidepressivum, zoals fluoxetine.

Effect Fluoxetine vermindert de kans op en ernst van een paniekaanval. Ook zorgt fluoxetine ervoor dat de paniek tijdens een aanval minder heftig is. Het werkt bij zes op de tien mensen.

Het is belangrijk het medicijn minimaal een jaar te blijven gebruiken. U voorkomt hiermee dat de klachten terugkomen.

Bij stoppen met het medicijn keren de paniekaanvallen meestal terug, als er verder niets is veranderd door bijvoorbeeld gedragstherapie. Werking Het kan vier tot zes weken duren voordat u het effect van fluoxetine merkt. De eerste twee weken van de behandeling kunnen de paniekklachten zelfs toenemen. Ook kunt u de eerste tijd last krijgen van de bijwerkingen. Stop dan niet met het gebruik, meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het medicijn. Vaak verdwijnen ze zelfs.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: paniekstoornis. Sociale fobie

Verschijnselen Bij een sociale fobie hebben mensen een extreme en ongegronde angst voor kritiek van anderen. Men heeft daarbij last van lichamelijke verschijnselen, zoals trillen, zweten, blozen en hartkloppingen. Hiervan heeft iedereen wel eens in geringe mate last.

Behandeling Als de klachten extreem vaak voorkomen en zeer heftig zijn, dan kunnen ze uw welzijn sterk verminderen.

Gesprekken met een psychiater of psycholoog (gedragstherapie) vormen de basis van de behandeling. Deze behandeling werkt bij drie op de vier mensen. Wanneer u ook last heeft van angstgevoelens kan uw arts u adviseren ook fluoxetine te gebruiken.

Effect U merkt het effect van fluoxetine niet meteen. Dit kan vier weken duren. U kunt wel meteen na het begin van de behandeling last krijgen van bijwerkingen. Stop dan niet met het gebruik, want meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het medicijn. Vaak verdwijnen ze zelfs.

Het is belangrijk het medicijn minimaal een jaar te blijven gebruiken. U voorkomt hiermee dat de klachten terugkomen.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: sociale fobie. Posttraumatische stressstoornis

Verschijnselen Een posttraumatische stressstoornis kan ontstaan na een traumatische gebeurtenis. Bijvoorbeeld een bedreiging, een verkrachting, een ramp of een ongeluk. Als het niet lukt om dit te verwerken, kan iemand een posttraumatische stressstoornis krijgen.

Dit kan direct na de traumatische gebeurtenis beginnen, of pas veel later. Men krijgt dan verschijnselen van toegenomen angst of spanning die er voor de traumatische gebeurtenis niet waren, bijvoorbeeld slecht slapen, concentratieproblemen of heftige schrikreacties. Ook beleeft men details van de gebeurtenis vaak opnieuw in de vorm van nachtmerries of herinneringen die men niet uit het hoofd kan zetten.

Behandeling Om de traumatische gebeurtenis te verwerken, kunnen gesprekken met een psychiater of psycholoog (psychotherapie) helpen. Fluoxetine kan helpen tegen de verschijnselen van een posttraumatische stressstoornis, zoals angst.

Effect Het effect van fluoxetine merkt u niet meteen, maar pas na twee tot drie maanden. De eerste twee weken van de behandeling kunt u zelfs meer last van angst krijgen. Ook heeft u de eerste weken meer kans op bijwerkingen. Stop dan niet met het gebruik, meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het medicijn. Vaak verdwijnen ze zelfs. Het is belangrijk om het medicijn minimaal een jaar te blijven gebruiken. U voorkomt hiermee dat de klachten terugkomen.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: posttraumatische stressstoornis. Boulimia nervosa

Verschijnselen Iemand die aan boulimia lijdt, is geobsedeerd door lichaamsgewicht en eten. Bij boulimia treden eetaanvallen op. Soms braakt de patiënt na een eetaanval het voedsel weer uit.

Behandeling Bij deze ziekte is een behandeling door een psychiater of psycholoog noodzakelijk. Fluoxetine kan helpen bij deze behandeling, vooral als u ook depressieve klachten of angstgevoelens heeft.

Effect U merkt het effect na zes tot acht weken, doordat het aantal eetaanvallen en ook de neiging om te willen overgeven afneemt. Of dit effect blijvend is, is niet bekend.

Bij stoppen met het medicijn keren de eetaanvallen meestal terug, als er verder niets is veranderd door bijvoorbeeld psychotherapie.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: boulimia nervosa. Menstruatieklachten

Verschijnselen Sommige vrouwen hebben veel last van het premenstrueel syndroom. Dit zijn psychische en lichamelijke klachten in de periode voor de menstruatie. Ze reageren emotioneel, zijn sneller geïrriteerd of somber, hebben pijnlijke borsten, een opgeblazen gevoel, worden zwaarder door vochtophoping of krijgen huidproblemen.

Als de menstruatie eenmaal goed op gang komt, verdwijnen de klachten meestal snel. Dit wordt het premenstrueel syndroom genoemd. Deze klachten ontstaan door normale hormoonveranderingen in de cyclus van de vrouw.

Behandeling Door stress te vermijden en voldoende te bewegen kunnen de klachten verminderen. Als u minder zout eet gaat u het vasthouden van vocht tegen.

Bij ernstig premenstrueel syndroom schrijft uw arts soms fluoxetine voor. De arts kan u adviseren fluoxetine elke dag te gebruiken of alleen in de twee weken voor u de menstruatie verwacht.

Effect Bij start twee weken voor de menstruatie merkt u meestal binnen drie tot vijf dagen dat fluoxetine werkt. U bent minder emotioneel, minder prikkelbaar en u zult minder vocht vasthouden. Soms laat het effect op zich wachten en merkt u pas na enkele maanden een verbetering.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: menstruatieklachten. Zenuwpijn

Verschijnselen Bij zenuwpijn voelt u heftige pijnschokken met een zeer scherpe, stekende of constant brandende pijn. De pijn is continue aanwezig of kan opkomen na slechts een lichte aanraking.

Oorzaak De oorzaak van zenuwpijn ligt bij de gevoelszenuwen. Deze versturen 'berichten' over aanrakingen en verwondingen naar de hersenen. Beschadigde of geïrriteerde zenuwen versturen deze berichten onjuist. Uw hersenen voelen hierdoor heftige pijn, zonder dat er van een verwonding sprake is. Een beschadiging of irritatie van een gevoelszenuw kan bijvoorbeeld ontstaan door diabetes mellitus (suikerziekte).

Behandeling Omdat bij zenuwpijnen de oorzaak van de pijn ligt bij de betrokken gevoelszenuw, hebben gewone pijnstillers meestal weinig effect. Tegen zenuwpijn door diabetes kan fluoxetine helpen.

Werking Dit pijnstillende effect komt op een andere manier tot stand dan de werking tegen depressiviteit. De pijnstillende werking begint niet meteen, maar treedt in na één tot twee weken.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: zenuwpijn. Fenomeen van Raynaud

Dit noemt men ook wel ziekte van Raynaud. Bij deze aandoening verkrampen de bloedvaten in de huid als reactie op bijvoorbeeld kou of emoties. Dit merkt u vooral doordat u pijnlijke, koude vingers en tenen krijgt die bleek, rood of blauw kunnen worden. Het kan het aantal en de ernst van de aanvallen verminderen. De werking is echter nooit goed aangetoond.

Zoek voor meer informatie onder Klachten en ziektes naar: fenomeen van raynaud. Op welke bijwerkingen moet ik letten? Uitleg frequenties: Regelmatig : bij meer dan 30 op de 100 mensen Soms : bij 10 tot 30 op de 100 mensen Zelden : bij 1 tot 10 op de 100 mensen Zeer zelden : bij minder dan 1 op de 100 mensen

Behalve het gewenste effect kan dit medicijn bijwerkingen geven. Bijwerkingen treden niet bij iedereenop, maar alleen bij personen die daar gevoelig voor zijn.

De meeste bijwerkingen zijn in de eerste week het meest uitgesproken en nemen daarna af of verdwijnen zelfs. Ze gaan weer over als u met het medicijn stopt.

De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.

Soms

  • Maagdarmklachten, zoals misselijkheid, diarree, krampen, braken en verminderde eetlust. Dit gaat meestal binnen enkele dagen over, als u gewend bent geraakt aan het medicijn. U heeft minder last van deze bijwerkingen als u het medicijn met wat voedsel inneemt. Heeft u ooit een maag- of darmzweer gehad, of een andere ernstige maag- of darmaandoening, zoals een maag- of darmbloeding? U heeft dan meer kans op bijwerkingen op maag en darmen. Overleg met uw arts. Mogelijk schrijft uw arts behalve dit medicijn ook een maagbeschermend medicijn voor.
  • Hoofdpijnen vermoeidheid.
  • Slapeloosheid. Heeft u hier last van, neem het medicijn dan altijd 's ochtends in.

Zelden

  • Sufheid, slaperigheid en een verminderd reactievermogen. Dit is vooral lastig bij activiteiten waarbij uw oplettendheid erg nodig is, zoals autorijden, het beklimmen van een ladder of het bewaken van een proces op het werk. Onderneem geen risicovolle activiteiten als u last heeft van deze bijwerkingen.
  • Duizeligheid, verwardheid, angst en nervositeit. Dit treedt vooral op aan het begin van de behandeling en wordt vanzelf minder.
  • Droge mond. Hierdoor kunnen zich eerder gaatjes in uw gebit ontwikkelen. Poets en flos daarom extra goed als u merkt dat u last heeft van een droge mond. Laat eventueel de tandarts vaker controleren.
  • Wazig zien. Raadpleeg uw arts als u hier last van blijft houden.
  • Gewichtsverandering. Vraag uw huisarts om een verwijzing naar een diëtist als de gewichtsverandering te groot en ongewenst is.
  • Zweten, gapen, trillen en bibberen.
  • Huiduitslag, galbulten en jeuk. Raadpleeg in dat geval uw arts. Zeer zelden komt dit door een allergische reactie op het medicijn en moet u met het medicijn stoppen.
  • Tijdelijke seksuele stoornissen, zoals minder zin in vrijen, moeilijke erectie en een vertraagde zaadlozing. Deze bijwerkingen gaan over als u met het medicijn stopt. Neem contact op met uw arts als u hier last van heeft.
  • Moeilijk kunnen stilzitten en rusteloosheid. Vooral mensen met de ziekte van Parkinson kunnen hier meer last van krijgen. Raapleeg uw arts als dit gebeurt, mogelijk moet de dosering van dit medicijn worden verlaagd.
  • Hartklachten, zoals hartkloppingen, versnelde hartslag of juist een vertraagde hartslag. Raadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft.
Zeer zelden
  • Hartritmestoornissen. U merkt dit soms alleen aan plotselinge duizelingen of als u even wegraakt. Vooral mensen met de aangeboren vorm van de hartritmestoornis verlengd QT-interval hebben hier meer kans op. Gebruik dit medicijn NIET als u deze aangeboren hartritmestoornis heeft.
  • Stemmingsverandering, toename van depressieve gedachten en vijandige gevoelens naar zichzelf of naar anderen. Dit kan zich uiten in agressie, zelfverwonding of gedachten aan zelfmoord. Neem contact met uw arts op als depressieve gevoelens juist toenemen of verergeren. Jongeren onder de 18 jaar hebben meer kans op deze bijwerkingen.
  • Hallucinaties (dingen zien en horen die er niet werkelijk zijn). Raadpleeg dan uw arts.
  • Sneller en langer bloeden bij een verwonding. Dit merkt u ook aan blauwe plekken en bloedneuzen. Raadpleeg uw arts als u daar veel last van heeft. Dit medicijn kan problemen geven bij bloedingen. Meld daarom uw arts dat u dit medicijn gebruikt wanneer u een operatie moet ondergaan.
  • Als u diabetes mellitus heeft: uw bloedglucose kan veranderen door dit medicijn. Controleer daarom vaker uw bloedglucose.
  • Mensen met epilepsie hebben kans op een toename van het aantal aanvallen. Overleg hierover met uw arts.
  • Leveraandoeningen. U kunt dit merken aan een gevoelige, opgezwollen buik of een gele verkleuring van het oogwit of van de huid. Waarschuw bij deze klachten uw arts.
  • Haaruitval. Raadpleeg uw arts als u hier veel last van heeft.
  • Overgevoeligheid voor dit medicijn. U kunt dit merken aan huiduitslag, jeuk en galbulten. Raadpleeg bij deze verschijnselen uw arts. In zeldzame gevallen ontstaat er bij allergie koorts, opgezwollen lippen, tong of gezicht of overgevoeligheid voor zonlicht. Stop dan meteen het gebruik en raadpleeg uw arts. Bij allergie mag u mag dit medicijn in de toekomst niet meer gebruiken. Geef aan de apotheker door dat u overgevoelig bent voor fluoxetine. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u het medicijn niet opnieuw krijgt.
  • Mensen met het Brugada-syndroom, een erfelijke hartaandoening, hebben mogelijk een grotere kans op hartritmestoornissen. Overleg met uw arts. Mogelijk kunt u overstappen op een ander middel. Als u dit middel toch moet gebruiken, zal uw arts u extra onder controleren.
Raadpleeg uw arts als u te veel last heeft van een van de bovengenoemde bijwerkingen of als u andere bijwerkingen ervaart, waar u zich zorgen over maakt. Hoe moet ik dit medicijn gebruiken? » Instructiefilmpje

Hoe? Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek.

Wanneer? Het maakt niet uit op welk tijdstip van de dag u dit medicijn neemt. Als u veel last heeft van de versuffende werking, neem het dan 's avonds voor het slapengaan in. Heeft u juist veel last van onrust en kunt u er slecht van slapen, dan kunt u het beter 's ochtends innemen.

Hoe lang?

  • Depressiviteit. Als het medicijn na tien weken geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts. Na verbetering van de klachten moet u het meestal zes maanden blijven gebruiken. Anders heeft u kans dat de depressiviteit terugkomt.
  • Angstgevoelens en gespannenheid. Als het medicijn na drie maanden geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts. Na verbetering van de klachten moet u het meestal een jaar blijven gebruiken.
  • Dwangstoornis. Als het medicijn na drie maanden nog geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts. Als het goed werkt moet u het meestal meerdere jaren blijven gebruiken.
  • Paniekstoornis. Als het medicijn na zes weken nog geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts. Na verbetering van de klachten moet u het meestal nog een jaar blijven gebruiken.
  • Sociale fobie. Als het medicijn na vier weken nog geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts. Na verbetering van de klachten moet u het meestal nog een jaar blijven gebruiken
  • Posttraumatische stressstoornis. Als het medicijn na drie maanden nog geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts. Na verbetering van de klachten moet u het meestal nog minstens een jaar blijven gebruiken.
  • Eetaanvallen. Als het medicijn na vier weken geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts.
  • Premenstrueel syndroom (PMS). De arts kan u adviseren dit medicijn elke dag te gebruiken of alleen in de twee weken voor u de menstruatie verwacht. Als het medicijn na drie menstruaties geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts.
  • Zenuwpijn. Gebruik dit medicijn zolang u last heeft van de zenuwpijn. Dit is vaak gedurende maanden tot jaren.
  • Ziekte van Raynaud. Als het middel na een aantal weken geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Overleg hierover met uw arts.

Bespreek gedurende de hele behandeling alle veranderingen in uw gedrag of stemming steeds met uw arts. Het kan zijn dat u niet goed of onvoldoende op dit medicijn reageert en misschien meer baat zult vinden bij een ander medicijn.

Wat moet ik doen als ik een dosis ben vergeten?

Het is belangrijk dat u dit medicijn consequent blijft slikken. Mocht u toch een dosis vergeten, neem deze dan alsnog in binnen 16 uur. Duurt het nog minder dan 8 uur voor u de volgende dosis hoort te nemen, sla de vergeten dosis dan over. Neem geen dubbele dosis in.

Als ik dit medicijn gebruik, mag ik dan...

autorijden? Dit medicijn kan uw rijvaardigheid verminderen door de bijwerkingen, zoals sufheid, slaperigheid, wazig zien en duizeligheid. Als deze bij u optreden, heeft u een grotere kans op een verkeersongeval. Het is strafbaar aan het verkeer deel te nemen als uw rijvaardigheid is verminderd. Als u bij een ongeval betrokken raakt, kunt u aansprakelijk zijn.

Na verloop van tijd raken de meeste mensen gewend aan de bijwerkingen. Iedereen reageert echter anders. Rijd in elk geval niet als u last heeft van de bijwerkingen die de rijvaardigheid verminderen.

Heeft u last van deze bijwerkingen en gebruikt u dit medicijn één keer per dag? Neem het dan voor u gaat slapen in, zodat u er overdag minder last van heeft.

Of en wanneer u weer mag autorijden, hangt af van de sterkte, de dosering, de duur van het gebruik, van de tijd die is verstreken na de laatste inname en hoe lang u last blijft houden van bijwerkingen.

Bij gebruik van 20 mg of minder per dag Bij de meeste mensen wordt de rijvaardigheid bij 20 mg per dag niet beïnvloed. Ga niet rijden als u wel last heeft van de hierboven genoemde bijwerkingen.

Bij gebruik van meer dan 20 mg per dag Rijd geen auto totdat u gedurende een week dezelfde dosering gebruikt. Beoordeel daarna hoeveel last u heeft van bijwerkingen die de rijvaardigheid verminderen. Rijd nog niet als u er wel last van heeft.

Tips voor als u besluit te gaan autorijden

  • Rijd niet als u onscherp ziet.
  • Rijd niet als u zich suf voelt. Bijvoorbeeld als u zich moeilijk kunt concentreren, traag reageert of met moeite wakker kunt blijven. Een aanwijzing dat u niet alert was is als u zich niet herinnert langs welke route u naar een bestemming bent gereden.
  • Drink geen alcohol als u moet rijden. Alcohol versterkt de versuffende bijwerking van dit medicijn.
  • Rijd niet langer dan één uur achter elkaar, ook al voelt u zich goed.
  • Rijd niet ’s nachts of bij slecht weer.
  • Bedenk dat het voor uzelf moeilijk te merken is als u minder goed rijdt. Een medepassagier kan dat vaak beter inschatten. Bijvoorbeeld omdat u met wisselende snelheden rijdt, slingert en geïrriteerd reageert op normaal gedrag van medeweggebruikers.

alcohol drinken? Alcohol versterkt het versuffende effect van dit medicijn. Ook als u gewend bent geraakt aan fluoxetine, kunt u door het gebruik van alcohol erg suf worden. Beperk daarom het gebruik van alcohol en drink het liever niet.

alles eten? Bij dit medicijn zijn hiervoor geen beperkingen.

Heeft dit medicijn een wisselwerking met andere medicijnen?

Dit medicijn heeft wisselwerkingen met andere medicijnen. In de tekst hieronder staan alleen de werkzame stoffen van deze medicijnen, dus niet de merknamen. Of uw medicijn een van die werkzame stoffen bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'. De medicijnen waarmee de belangrijkste wisselwerkingen optreden, zijn de volgende.

  • Andere medicijnen die het reactievermogen verminderen. Bij deze medicijnenis vaak op de verpakking een gele waarschuwingssticker geplakt. De effecten op bijvoorbeeld reactievermogen en coördinatievermogen versterken elkaar. Rijd geen auto als u naast fluoxetine een ander medicijn gebruikt dat het reactievermogen beïnvloedt.
  • Ontstekingsremmende pijnstillers, zoals ibuprofen, diclofenac, acetylsalicylzuur en naproxen. Deze medicijnen kunnen bijwerkingen op de maag veroorzaken, zoals een maagbloeding. Gelijktijdig gebruik van fluoxetine vergroot de kans op deze bijwerkingen. Gebruik daarom liever paracetamol als pijnstiller. Die heeft dat nadeel niet. Wees extra alert als u toch fluoxetine samen met een ontstekingsremmende pijnstiller moet gebruiken, en raadpleeg uw arts bij maagklachten. Meestal adviseert de arts u een maagbeschermer te slikken om maagklachten te voorkomen. Overleg met uw arts of dat bij u nodig is.
  • Middelen tegen depressie van de tricyclische groep (amitriptyline, clomipramine, dosulepine, doxepine, imipramine, maprotiline en nortriptyline) en trazodon. De hoeveelheid van deze medicijnen in het bloed kan toenemen. Hierdoor kunnen ze te sterk werken en meer bijwerkingen geven als u ze tegelijk met fluoxetine gebruikt. Raadpleeg uw arts, zodat deze eventueel de doseringen kan verlagen. Ook als u al gestopt bent met dit medicijn kan het enkele dagen tot weken duren voor u een ander medicijn tegen depressie veilig kunt gebruiken.
  • De antistollingsmedicijnen acenocoumarol en fenprocoumon. Fluoxetine kan de werking van de bloedverdunner versterken. Neem contact op met de trombosedienst als u fluoxetine gaat gebruiken, de dosis verandert of als u stopt met het gebruik.
  • De plastabletten chloortalidon, chloorthiazide, hydrochloorthiazide, epitizide en indapamide. Als u een van deze medicijnen samen met fluoxetine gebruikt, heeft u de eerste weken een verhoogde kans op een tekort aan natrium in het bloed. Dat kan vooral ontstaan door vochtverlies, zoals bij braken, diarree, koorts en hitte. U merkt dat aan plotselinge ernstige vermoeidheid, sufheid, slecht aanspreekbaar zijn, verminderde eetlust, braken en diarree. Waarschuw dan meteen uw arts.
  • Metoprolol, bijvoorbeeld gebruikt bij hart- en vaatziekten. Fluoxetine kan de hoeveelheid metoprolol in het bloed verhogen. Hierdoor kunnen de werking en bijwerkingen van metoprolol toenemen. U kunt dan bijvoorbeeld last krijgen van een te trage hartslag. Overleg met uw arts. Mogelijk kunt u overstappen op een ander medicijn
  • Carbamazepine enfenytoïne, onder andere gebruikt bij epilepsie, verdwijnen minder snel uit het lichaam. Hierdoor kan er te veel van in het bloed komen. U zult de hoeveelheid carbamazepine of fenytoïne in uw bloed regelmatig moeten laten controleren. De arts zal de dosering dan eventueel verlagen.
  • Hartvaatmedicijnen van de groep calciumblokkers, namelijk barnidipine, felodipine, isradipine, lacidipine, lercanidipine, nicardipi
Print Bookmark and Share

Terug naar vorige pagina
Contact Minimaliseren

Kies voor uw apotheek uit de lijst van apotheken hieronder of ga naar de overzichtspagina met Locaties.

Algemene e-mail adres:
info@sal.nl

 

spacer
Onze apotheken zijn
HKZ gecertificeerd
dummy